Vandaag schijnt politicologe en collega student journalistiek Eva Schram haar licht op de linksrechtsweek. De labels links en rechts blijken niet afdoende om de politieke werkelijkheid te begrijpen.
In HP/De Tijd staan deze week verschillende reacties op het werk van Karen Geurtsen, die undercover ging bij de PVV. Wilders reageerde met “een nieuw dieptepunt voor de linkse media.” Het citaat laat perfect zien dat maatschappij-kritisch debat tegenwoordig als links bestempeld wordt.
Meer partijen, meer dimensies
Ook het schema dat eerder verscheen op deze website is een verzameling stereotypische beelden over links en rechts. Het schema is bovendien sterk gebaseerd op een systeem waar maar twee partijen van belang zijn. In een meerpartijenstelsel is een simpele links-rechts verdeling niet afdoende.
Een ander probleem met de begrippen links en rechts is dat niemand echt weet wat die begrippen inhouden. Tijdens de Franse revolutie zat de koning rechts in het Parlement. Hij had zijn politieke (conservatieve) geestverwanten liever dicht bij zich zitten, rechts dus. De progressieven zaten links van hem. Links en rechts verwijzen oorspronkelijk dus naar progressief en conservatief.
Die begrippen zijn niet meer toereikend voor de politiek in Nederland. Door het meerpartijenstelsel kun je een partij niet bestempelen met simpelweg ‘links’ of ‘rechts’ of ‘progressief’ en ‘conservatief’. Het is niet of/of. Als je de standpunten van de PVV bekijkt wat immigratie betreft, zou je uiterst conservatief kunnen noemen. Maar tegelijkertijd zijn ze voor de zogenaamd liberale zaken als homohuwelijk en abortus. De ChristenUnie is daartegen, maar houdt er sociaal-economisch linkse standpunten op na. Dus wat voor label plak je op die partijen?
Alternatief model
Om iets zinnigs te zeggen over de positie van partijen moet daarom een multidimensionaal model gebruikt worden. De dimensies die van belang zijn, komen overeen met politieke scheidslijnen. Die politieke scheidslijnen veranderen met de tijd. In de jaren ’90 waren vooral sociaal-economische (privatisering bijvoorbeeld) en ethische kwesties (abortus, euthanasie) van belang. Vandaag de dag zijn de sociaal-economische dimensie en globalisatie (inclusief immigratie en integratie, pro-Europa en anti-Europa, etc.) het meest van belang. Een tweedimensionaal model zou er dan ongeveer zo uitzien:
In het plaatje zie je dat de SP misschien heel ‘links’ is wat betreft sociaal-economische kwesties, maar dat het meer een middenpartij is wat betreft de globalisatie-issues. Je kunt de SP dus niet zomaar een linkse, progressieve partij noemen. Hetzelfde geldt voor alle andere partijen. Dat doet geen recht aan de complexe maatschappelijke wereld waarin we leven, waarvan de politiek uiteindelijk slechts een reflectie is.
PS: Dit plaatje is overigens gekleurd door mijn perceptie van de politiek en politieke partijen. Maar er zijn ook wetenschappelijk verantwoorde kaarten gemaakt, bijvoorbeeld door Aarts en Thomassen (2008) (PDF).
***
Meer informatie over en stukken van Eva Schram op haar eigen website.
dit bericht hoort bij linksrechtsweek
Gerelateerde verhalen





