Twitter: jhmommers | E-mail: mom@jelmermommers.nl

De Groene Kamer (3): Ondernemers & overheidsfinanciën

de Groene Kamer

In aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 9 juni 2010 neem ik samen met collega student journalistiek Nicole Besselink de partijprogramma’s door op de belangrijke duurzame onderwerpen. Vandaag: ondernemers en overheidsfinanciën.

Hoe willen de partijen duurzame ondernemers tegemoetkomen? Hoe moeten de overheidsfinanciën worden geregeld? Moet er een groen belastingstelsel komen?

De derde aflevering van de Groene Kamer concentreert zich op de delen van de economie waarop de overheid relatief veel invloed heeft: de overheidsfinanciën, groene belastingen die maatschappelijk verantwoorde ondernemers tegemoetkomen en regelgeving die onduurzame praktijken in het bedrijfsleven bestrijdt.

CDA

“Houdbare en solide overheidsfinanciën vormen een belangrijk uitgangspunt voor het CDA”, aldus het partijprogramma. De partij wil het ‘forse structureel tekort’ in twee kabinetsperioden omzetten in een structureel overschot; overheidskosten kunnen omlaag door minder departementen, bureaucratie en subsidies. Het CDA wil geen belastingverhoging.

Het CDA kiest waar mogelijk voor convenanten in plaats van dwingende regelgeving

De partij noemt maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) “belangrijk”. “MVO heeft betrekking op bovenwettelijke verplichtingen, maar mag niet vrijblijvend zijn.” Toch schrijft de partij ook dat het primaat voor MVO bij de ondernemingen zelf ligt. Bovendien “kiest het CDA waar mogelijk voor convenanten in plaats van dwingende regelgeving”. Dit omdat convenanten volgens de partij meer maatwerk kunnen leveren en flexibeler zijn dan wetten.

Het CDA is voorstander van het vergroenen van het belastingstelsel, oftewel: “minder belastingheffing op arbeid en winst en meer op consumptie en milieuvervuilende activiteiten”.

De christendemocraten moedigen zelfregulering door bedrijven aan, onder meer door een versterkte positie van de Raad van Commissarissen. Beleid moet altijd gebaseerd zijn op de belangen van stakeholders én aandeelhouders. Met een loyaliteitsdividend kunnen zij gemotiveerd worden om duurzaam te beleggen.

Het vertrouwen in financiële instellingen moet zo snel mogelijk worden hersteld, waarbij het CDA voornamelijk inzet op zelfregulering, al dan niet verankerd in de wet. Maar, “het CDA wil waken voor een overvloed en stapeling van regelgeving in reactie op de kredietcrisis”. De financiële sector moet het zelf doen, zo valt te concluderen.

PvdA

De PvdA wil de overheidsfinanciën binnen twee kabinetsperiodes op orde brengen. Hiertoe moeten besparingen worden gerealiseerd, maar dat moet behoedzaam gebeuren. “Immers, het economische herstel is broos.” De PvdA wil niet dat lage inkomensklassen onevenredig hard worden getroffen door bezuinigingen, want “dat vinden wij oneerlijk”. De partij stelt een solidariteitsbijdrage voor, een nieuw belastingtarief van 60% voor inkomens boven de 150.000 euro.

Milieubelastende activiteiten moeten zwaarder worden belast

De PvdA ziet ondernemerschap als de bron van innovatie en economische groei. Om MVO te stimuleren is een “combinatie nodig van positieve prikkels, sancties en regelgeving”.

De PvdA wil dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen en dat de vervuiler betaalt. Milieubelastende activiteiten moeten zwaarder worden belast, de belastingdruk op arbeidsinkomen aan met name de onderkant kan dan omlaag.

De PvdA wil een dienstbare financiële sector. Banken “moeten kleiner en transparanter” en daartoe moet de overheid maatregelen nemen. “De risico’s die deze sector neemt, moeten voor de Nederlandse belastingbetaler beheersbaar blijven, ook als dat slecht is voor het vestigingsklimaat voor financiële instellingen.”

Als het aan de PvdA ligt komt komen er hogere kapitaaleisen, strenger toezicht op het risicomanagement, minder “excessieve” bonussen en een bankbelasting, liefst in internationaal verband. “Het deposito-garantiestelsel moet hervormd worden op basis van de vervuiler betaalt: banken moeten premies storten in een fonds dat spaarders schadeloos stelt bij een bankfaillissement. Meer risicovolle banken betalen een hogere premie dan minder risicovolle banken.”

Burgers moeten beter worden beschermd tegen risicovolle producten. Als de PvdA in de regering komt, steunt Nederland initiatieven om meer en minder risicovolle bankactiviteiten te scheiden.

De PvdA is van mening dat welvaart meer behelst dan koopkracht en economische groei, maar geeft niet aan of welvaart anders gemeten moet worden.

SP

De SP wil een beter Nederland voor minder geld. Het begrotingstekort moet worden teruggebracht met bezuinigingen en lastenverzwaring, maar rekeninghoudend met de kracht van het economische herstel. De SP wil een nieuw toptarief van 65% voor inkomens boven 150.000 euro. Aftrekposten worden “over de hele linie” beperkt. In het partijprogramma staan nog vele andere voorstellen om de overheidsfinanciën op orde te brengen, zoals “een strafheffing voor Nederlandse bedrijven die zich vestigen in belastingparadijzen”.

De SP valt de financiële sector hard aan

De SP wil met name kleine ondernemers actief door de crisis helpen. Hiertoe wordt bijvoorbeeld een nationale investeringsbank opgericht die “kredieten gaat verstrekken aan gezonde en goed geleide bedrijven die nu van gewone banken geen krediet kunnen krijgen”.

De partij streeft naar een “zo sterk mogelijke vergroening van het belastingstelsel, waarbij milieuvriendelijk produceren wordt bevorderd en vervuilende productie zwaarder wordt belast”.

De SP valt de financiële sector hard aan en stelt talloze maatregelen voor om “de macht van banken, grote bedrijven en aandeelhouders aan banden te leggen”. De partij wil bijvoorbeeld banken die staatssteun ontvangen, verbieden bonussen uit te delen. Verder moet er een bankenheffing komen, moeten spaar- en zakenbanken worden gescheiden, moeten nieuwe financiële producten voortaan van tevoren worden getest door de AFM en krijgen werknemers meer macht in ondernemingen. De SP is ook voorstander van de Tobintaks, een belasting op internationale financiële transacties. “Met de opbrengst ervan helpen we extreme armoede en klimaatproblemen tegen te gaan.”

VVD

“De overheidsfinanciën zijn volkomen uit de hand gelopen.” Om orde op zaken te stellen, wil de VVD op een verantwoorde manier snijden in de overheidsuitgaven. “De overheid moet de broekriem aantrekken. Een krachtige, kleine staat is een noodzakelijke voorwaarde voor gezonde overheidsfinanciën.” De VVD wil geen belastingverhogingen.

De overheid moet ondernemers niet vertellen hoe zij moeten ondernemen

“Voor een gezonde economische toekomst zijn ondernemers onmisbaar.” De liberalen willen ondernemers dan ook alle ruimte geven: “Geen hoge belastingen, overbodige regels en ingewikkelde procedures.” De overheid moet “heldere doelen stellen en ondernemers uitdagen met oplossingen te komen”. Maar, “de overheid moet ondernemers niet vertellen hoe zij moeten ondernemen”. Een vereenvoudigd innovatiebeleid moet ondernemers steunen die een bijdrage leveren aan schonere vormen van energie, minder CO2-uitstoot en creatieve ruimtelijke oplossingen.

Niet vergroening, maar rechtvaardigheid van het belastingstelsel staat voor de VVD voorop. “Rechtvaardigheid betekent dat hard werken en ondernemerschap mogen worden beloond. Goede prestaties moeten niet worden wegbelast. De VVD is ook tegen belastingen die het economisch verkeer hinderen. Daarom wil de VVD de verpakkingenbelasting afschaffen.”

Wat de financiële sector betreft wil de VVD minder hoge beloningen voor zover die niet zijn gebaseerd op goede prestaties. “Beloningen waar een verkeerde werking van uitgaat – zoals het nemen van onverantwoord grote risico’s – moeten daarom worden beperkt.” De partij wil “strenger Europees financieel toezicht dan nu wordt voorgesteld. Een Europese marktmeester op de financiële markten ziet toe op het grensoverschrijdende financiële verkeer.”

PVV

“De Partij voor de Vrijheid kiest voor een deugdelijk financieel beleid.” De partij wil het financieringstekort aan het einde van de volgende kabinetsperiode “zo goed als weggewerkt hebben”. De rekening van het “gat in de begroting” mag onder geen beding bij de burger worden neergelegd. De PVV stelt daarom onder meer voor te snijden “in het vet van de overheid”. Er komen minder politici en ambtenaren en zij gaan minder verdienen.

Ondernemers moeten vrij baan krijgen, vindt de PVV. De partij doet geen voorstellen om duurzame ondernemers tegemoet te komen, maar wil eerder het mes zetten in fiscale subsidies in het algemeen.

Er moet volgens de PVV een bankenheffing komen “waarbij ongedekte schulden worden belast tegen een vast tarief van 0,15 procent”. Ook is de partij voorstander van een “stringent beloningsbeleid voor de (semi)publieke sector, staatsondernemingen en financiële instellin-gen met staatssteun. Voor hen geldt de Balkenendenorm als maximumsalaris en de bonus-cultuur moet verdwijnen.”

GroenLinks

Ook GroenLinks constateert dat de overheidsfinanciën uit het lood zijn geslagen. De partij wil de tekorten “zo snel als economisch verantwoord is” wegwerken. Er moet een toptarief van 60% komen voor inkomens boven de 150.000 euro. Verder stelt de partij dat “links en groen hervormen” de beste manier van bezuinigen is. “Niets is economisch verstandig, als het ecologisch onverstandig is.”

Niet alleen de overheidsschuld doet ertoe, zo stelt de partij. “We hebben ook rekening te houden met de schade die reeds aan het milieu is toegebracht en moet worden hersteld. Doen we dat niet, dan zadelen we de toekomstige generaties op met een torenhoge schuld.”

GroenLinks wil dat de overheid eisen stelt aan banken waarmee zij zaken doet

GroenLinks wil dat de overheid eisen stelt aan banken waarmee zij zaken doet. “Deze dienen wat betreft duurzaamheid te behoren tot de best presterende in de bancaire sector.” Ook moet er een Groene Investeringsbank komen “die gunstige kredieten beschikbaar stelt voor groene investeringen en duurzame woningbouw”.

De partij wil dat de overheid MVO op alle mogelijke manieren gaat ondersteunen door bijvoorbeeld groene aanbestedingen en duurzaam inkoopbeleid. “GroenLinks kiest partij voor de vernieuwers.” Kleine en nieuwe bedrijven krijgen meer kans op overheidsopdrachten. Grote bedrijven moeten verplicht gaan rapporteren over hun prestaties op het gebied van mensenrechten, arbeidsnormen en milieu.

GroenLinks wil het belastingstelsel vergroenen en de belasting op vermogen verhogen. “Met de opbrengsten worden deels het overheidstekort en deels de lasten op arbeid verlaagd.” Onder het motto “de vervuiler betaalt” stelt GroenLinks voor alle subsidies die “niet passen in een duurzame economie” af te bouwen. “Bestaande milieubelastingen op verpakkingen, energie, afvalstoffen en brandstoffen worden verhoogd.” Emissierechten moeten geveild worden, uitstoot van broeikasgassen belast en grootverbruikers van energie krijgen een heffing.

Het is tijd voor een andere kijk op welvaart. Cijferfetisjisme vertroebelt de blik op de toekomst

GroenLinks wil de financiële markt “temmen”. “Bankiers moeten weer dienstverleners worden, die hun klanten centraal stellen.” De partij wil onder andere een bindende code voor maatschappelijk verantwoord bankieren, mondiaal toezicht op de financiële markten en een scheiding tussen consumentenbanken en handelsbanken. Een heffing op financiële transacties moet speculatieve handel tegengaan, zo stelt GroenLinks.

De partij besteedt ten slotte veel aandacht aan een nieuwe manier om welvaart te meten, het “Bruto Nationaal Geluk”. “Het is tijd voor een andere kijk op welvaart. Cijferfetisjisme vertroebelt de blik op de toekomst. Van alles meer produceren levert voor korte tijd mooie groeicijfers op, maar op termijn een uitgeputte aarde.” In plaats van het Bruto Nationaal Product moeten welzijn, gezonde levensjaren en milieubehoud worden meegenomen in ons welvaartsbegrip. “Want cijfers moeten kloppen, maar het zijn de mensen die tellen.”

ChristenUnie

De ChristenUnie wil het tekort met 16 miljard in 2015 terugbrengen door een “weloverwogen mix van ombuigen, intensiveringen en een verantwoorde lastenontwikkeling”.

MVO is volgens de ChristenUnie het ondernemen van de toekomst. “Bedrijven van de toekomst ondernemen menswaardig en milieubewust en zijn het vertrouwen van hun klanten waard.” De partij wil MVO zowel op nationaal als internationaal niveau stimuleren door duurzaam inkoopbeleid en, indien nodig, wettelijke kaders. In “modelgedragscodes” moet worden vastgelegd dat bedrijven rapporteren op het gebied van MVO.

Ook de ChristenUnie wil het belastingstelsel verder vergroenen

Ook de ChristenUnie wil het belastingstelsel verder vergroenen. “Milieukosten moeten zoveel mogelijk tot uitdrukking komen in de prijzen van producten.” De overheid moet volgens de partij zowel milieuonvriendelijk gedrag ontmoedigen, als milieuvriendelijk gedrag stimuleren. “Producten en diensten die een relatief grote ‘ecologische voetafdruk’ hebben worden ondergebracht in het hoge btw-tarief.”

De partij juicht zelfregulering door bedrijven in het algemeen toe. Van organisaties met een algemene nutsfunctie, zoals banken, pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen, verwacht de ChristenUnie “extra zorgvuldigheid en transparantie”.

In het bankwezen moeten minder perverse prikkels komen die “risicovol korte termijnbeleid aanmoedigen”. Er moet scherper toezicht komen, vindt de partij, en toezichthouders moeten hogere boetes uit kunnen delen. Ook moet er een bankenheffing komen en wordt het depositogarantiestelsel herzien, zodat banken met een hoger risicoprofiel meer bijdragen aan het garantiestelsel dan banken met een laag risicoprofiel.

Net als GroenLinks wil de ChristenUnie economische prestaties met een breder welvaartsbegrip meten dan het BNP. Hoe we omgaan met “ons milieukapitaal” moet in de meting van de welvaart worden opgenomen.

D66

“D66 streeft naar een overschot op de begroting in 2020 zodat de overheidsfinanciën op lange termijn duurzaam zijn.” De partij wil slim hervormen en bezuinigen, investeren in menselijk kapitaal, en is terughoudend met lastenverzwaringen. De partij koppelt het vergroenen van het belastingstelsel direct met het verbeteren van de overheidsfinanciën. “D66 gaat verder met het vergroenen van de belastingen en het verduurzamen van onze infrastructuur en energievoorziening.”

De belastingdruk op arbeid neemt bij deze vergroening af. “Door de BTW op de consumptie van vlees (‘de kiloknallertax’) en de energiebelasting te verhogen, wordt duurzaam gedrag beloond en milieuvervuilend gedrag bestraft. Belastingregelingen ter bevordering van innovatie en duurzame investeringen worden gehandhaafd.”

D66 wil een Europese toezichthouder, adequate kapitaalbuffers en meer transparante bancaire producten

Innovatie en ondernemerschap zijn volgens D66 de sleutels tot welvaartsverhoging. Maar de overheid is “te aanwezig en blijft uitdijen. Er zijn te veel regels.” De overheid moet toegankelijker worden om ondernemers in het algemeen meer ruimte te geven. Innovatie moet gestimuleerd worden door open source en modern patent- en auteursrecht. Er moeten minder collectieve subsidieregelingen komen, maar meer garantieregelingen.

Om het vertrouwen in de financiële sector te herstellen is “striktere regulering noodzakelijk”, aldus D66.
“Omdat de financiële markt zich niet beperkt tot nationale grenzen, bepleit D66 een Europese (en liefst mondiale) aanpak.” De partij wil een Europese toezichthouder, adequate kapitaalbuffers en meer transparante bancaire producten. Bonussen zijn geen automatisme; ze moeten volgens D66 duidelijk gekoppeld zijn aan een prestatie, “liefst bezien op de lange termijn”. Het depositogarantiestelsel moet worden hervormd zodat banken die het goed doen er minder negatieve effecten van ondervinden.

D66 streeft naar duurzame welvaart, maar doet geen concreet voorstel om de manier waarop nationale welvaart wordt gemeten te hervormen.

SGP

Volgens de SGP heeft de overheid jarenlang op veel te grote voet geleefd. Er moet 29 miljard worden bezuinigd, maar niet in één kabinetsperiode, dat zou “onverantwoord” zijn.

De SGP wil MVO gemeengoed maken. Volgens de partij is “een wereld te winnen” met een sector- en branchespecifieke aanpak om MVO ook van de grond te krijgen waar dat nu nog niet vanzelfsprekend is. De overheid moet volgens de SGP veel meer investeren in duurzame innovaties.

De SGP wil een belastingstelsel dat “goed werkt” maar spreekt niet van maatregelen om het stelsel te vergroenen.

Er moet volgens de partij beter toezicht komen op de financiële sector. Een bankbelasting moet risicovolle beleggingen van banken afremmen. “Bonussen die aanzetten tot risicovol beleggen en investeren, moeten zoveel mogelijk worden ingedamd. Europa moet het toezicht op banken en bedrijven verbeteren.”

Partij voor de Dieren

De Partij voor de Dieren (PvdD) gaat in het conceptpartijprogramma dat voor dit artikel is gebruikt niet concreet in op de overheidsfinanciën.

Wel staat de partij in het algemeen voor fiscale maatregelen ten behoeve van klimaat en milieu. Het belastingstelsel moet volgens PvdD “vergaand worden vergroend”, terwijl arbeid minder wordt belast. De belasting op grijze stroom moet bijvoorbeeld hoger worden dan die op groene stroom. Alle subsidies moeten worden herbezien met het oog op de effecten voor milieu en klimaat. “Subsidies die niet-duurzaam gedrag in de hand werken, worden afgeschaft.”

PvdD roept op tot een totale heroriëntatie van de financiële dienstverlening

PvdD roept op tot een “totale heroriëntatie van de financiële dienstverlening”. “Er moeten banken komen die louter aan traditionele financiële dienstverlening doen, zoals sparen, lenen en betalen. Financiële instellingen die andere producten aanbieden moeten duidelijk herkenbaar worden en onder streng toezicht gebracht worden van de AFM.” Garanties aan banken moeten volgens de partij gepaard gaan met een sterke verduurzamingseis. Ook aan kredietverlening worden duurzaamheidscriteria gekoppeld.

PvdD wil net als de SP en GroenLinks een belasting op internationale financiële transacties komt (de Tobintaks).

Trots op Nederland

Trots op Nederland (TON) wil het begrotingstekort in acht jaar terugbrengen. Daartoe heeft de partij eigenzinnige methoden. Zo wil TON een vlaktaks van 25% voor alle belastingschijven behalve de eerste en tweede schijf voor 65-plussers. TON spreekt niet over vergroening van het belastingstelsel.

De partij wil ondernemers de ruimte geven, “productie moet voorop staan, er is genoeg geconsumeerd”. De overheid “biedt ruimte waar mogelijk en stelt kaders waar vereist”.

“Banken mogen nooit meer zo groot worden als nu.” TON wil spaar- en zakenbanken scheiden. “Onvermogende banken en financiële instellingen worden voortaan gewoon opgeheven, er gaat geen belastinggeld meer naartoe.”

TON verbindt geen van de onderwerpen die hier aan de orde zijn expliciet met een begrip van duurzaamheid.

Bij het schrijven aan dit stuk is gebruik gemaakt van de conceptprogramma’s van VVD en PvdD, omdat definitieve versies nog niet voorhanden waren. Deze serie beperkt zich tot de gevestigde politieke partijen.

De Groene Kamer wordt geschreven door Jelmer Mommers en Nicole Besselink en is tot stand gekomen in samenwerking met duurzaamnieuws.nl, waar de serie ook verschijnt.


Gerelateerde verhalen
  • Wijffels’ analyse
  • Voedselpolitiek
  • De Groene Kamer (10): Klimaatverandering
  • De Groene Kamer (9): Voedsel
  • De Groene Kamer (8): Afval

  • Leave a Reply

    Blijf via e-mail op de hoogte van toekomstige reacties op dit bericht. U kunt zich ook aanmelden zonder mee te praten.